Sabana di Huncu/ Muizenberg Nobo
Sabana (di) Hu(n)cu / Muizenberg Nobo
In het stroomgebied van de grote dammen van Muizenberg en tussen Muizenberg Nobo en Sun Valley/ Sunset Heights
ligt het agrarisch gebied Sabana di Huncu, (Sabana Hoenkoe) oftewel Savaan Honk (1828). Volgens de volkenkundige Paul Brenneker is Huncu een agavesoort, de sisalagave dat ook Pita oftewel Agave vivipara genoemd. Het werd op Curaçao vooral voor productie van (scheeps)touw gebruikt: van witte huncu maakte men wit touw-Cabuya Maníri van de donkere Huncu zwart touw, Cabuya Cábua genaamd, aldus Brenneker. Het gebied stond eens vol met deze agave, maar de betekenis van Huncu is verloren gegaan en tegen beter weten in noemt men de streek nu Sabana Hundu.
Jan Hendrik de Lannoy
De zeer vruchtbare agrarische gronden van Sabana Huncu- ook wel Sint Jacob of Plantage de Lannoy genoemd- waren sinds 1776 eigendom van een echte graaf, Jan Hendrik de Lannoy (1737 -1798) die in 1776 ook Asiento had aangekocht en daar woonde. De Lannoy had een winkeltje in Punda en archieven van de Rooms Katholieke Kerk vermelden dat hij in 1793 500 dakpannen had verkocht aan de pastoor van de kerk te Otrobanda.
In 1796 kocht de Lannoy ook de gouvernementsplantage Rooi Canarie waarbij het bestuur het recht behield om water uit de putten op het terrein te halen ten behoeve van het garnizoen Ook kocht hij het aangrenzende Sufisant en Monte Carmelo vlakbij Muizenberg, zodat hij een enorm aaneengesloten terrein bezat en daarmee één van de grootste grondbezitters in de midden divisie werd.
Gedwongen huwelijk
Een goede partij dus als huwelijkskandidaat. Volgens Christel Monsanto vermelden de archieven van de familie de Lannoy in het Nationaal Archief een opmerkelijk verhaal: Jan Hendrik had, ten overstaan van getuigen, Anna Barbara Alpeter ten huwelijk gevraagd. Hij veranderde echter van gedachten toen hij de zwarte schone Dominga Sabana ontmoette en met haar samen ging wonen. De moeder van Anna spande zich daarop gedurende 20 jaar (!) in om de Lannoy te dwingen zich aan zijn trouwbelofte te houden. Uiteindelijk zocht ze haar recht tot aan de Hoge Raad in Nederland en won: Het huwelijk tussen graaf Jan Hendrik de Lannoy en Anna vond plaats op 24 September 1786 in de Fortkerk. Dat was toen de locatie om een wettelijk huwelijk naar Nederlands recht aan te gaan. Naar verluidt zou de Lannoy toen tegen zijn kersverse schoonmoeder hebben gezegd: “Je kunt me wel dwingen om met je dochter te trouwen, maar je kunt me niet dwingen met haar het bed te delen.” Een jaar later waren ze gescheiden.
Maria Maai
Els Langenfeld citeert uit oude documenten van Plantage Rooi Canarie dat ‘Jan Hendrik zijn leven en het bed deelde met de negerin Dominga Sabana. Zij kregen twee mulattenzonen, Andries Louis en Martinus Albertus Girigorie. De Lannoy kocht het knoekje Maria Maai (nu bekend als Amerikanekamp) in de Indiaanse Ranche (nu bekend als Rancho) voor de twee jongens, op voorwaarde zat deze niet mochten verkopen zolang hun moeder nog in leven was. Martinus overleed kinderloos, Andries kreeg negen kinderen en meer dan 100 erfgenamen van het grondgebied waaraan intussen ook Dein was toegevoegd. Verder had hij ook vier huizen in de stad, dus genoeg bezittingen die aanleiding vormden voor vele conflicten, vooral in verband met het grondbezit.
Trouwen met de buurman
Het werd er niet gemakkelijker op toen een nazaat van de Lannoy trouwde met een lid van de familie de Windt, eigenaars van onder andere de naburige plantages Noordkant en Waterloo (Waterloo is het tegenwoordige Sun Valley en Sunset Heights).
Ook aangetrouwd was een andere buurman en plantage-eigenaar, Emamnuel da Costa Gomez wiens naam nog steeds verbonden is aan de gronden tussen het tegenwoordige Rio Canario en Muizenberg, te weten Monte Carmelo, Dein, Kanga ,Normandi (nabij bar/restaurant De Fles aan de Schottegatweg) en een stuk van Weis bij de kerk van Groot Kwartier. En zo gebeurde het dat een heel groot deel van de middendivisie van Curaçao, in het bezit kwam van één familie.
Verdwenen landhuis
Terug naar Sabana Huncu. Na het overlijden van Jan Hendrik in 1798 was zijn levensgezellin Dominga Gracia Sabana eigenaresse van Sufisant, Muizenberg en in 1803 ook nog van Maria Maai (Amerikanekamp). Sint Jacob, alias Sabana Huncu was al in haar bezit. Toch komt de naam Sabana Huncu niet voor op de zeer nauwkeurige Werbatakaart (1911). En op de kadasterkaart staat het als Sabana Hundu vermeld. Het landhuis wordt op beide kaarten Sint Jacob genoemd, maar was in de volksmond altijd Sabana Huncu.
Het voormalige landhuis was hoe dan ook 270 hectaren groot en behoorde tot de middelgrote plantages van centraal Curaçao. Hiervan stond jaren geleden alleen nog funderingen een klein gedeelte van een oorspronkelijk bijgebouw achter de huidige betonfabriek te Sabana Huncu.
Omdat het landhuis vrij veilig en afgelegen lag werden naar verluidt hier de eigendomsdocumenten van Seru Fortuna en omstreken bewaard. Met het instorten van het landhuis zijn deze echter verloren gegaan.
Ook verdwenen is het familiekerkhof van de familie de Lannoy te Sabana Huncu, dat ten westen van het landhuis moet hebben gelegen. Bekend is dat diverse familieleden hier werden begraven, waarvan de laatste twee nog in 1826 en 1828. Ook slaafgemaakten van de familie vonden hier een laatste rustplaats.
De enige stille getuigen die er nog staan zijn een enkele Palu di Sia: kenmerkend voor plantage Sabana Huncu was dat het geheel omgeven was door Palu di Sia die vroeger vaak als omheining werden geplant.
Weidegronden
Het was voor de omgeving een belangrijke plantage vanwege de grote put waar iedereen water kwam halen. De Pos di Sabana Huncu is vrij breed en plat, is tegenwoordig afgedekt en ligt vlakbij de toegangsweg naar Sunset Heights, op de grens van beide wijken. Verder staan er nog diverse andere putten op het terrein waar nog steeds veel groente en fruit wordt verbouwd door Portugezen en Haïtianen.
De groene grasvelden van Sabana Huncu werden in het verleden ook intensief gebruikt als weidegrond voor vee van kunukero’s uit de omgeving, zoals bijvoorbeeld Banban Rojer van Cabo Vèrdè.
Brenneker vertelt dat op Sabana Huncu ook klei en kleurmiddel werd opgegraven ten behoeve van kleibakkerijen te Fontein, Kirindongo en Trai Seru
Kueba di Pirata
Een bekende locatie te Sabana Huncu is de vroegere Cueba di Skloof, een grot in de berg te Sabana Huncu. Het ligt aan de kust met een mooi uitgestrekt uitzicht op de kust en nabijgelegen gebieden. De ideale plek om de buit te verstoppen van de ‘piratenbende’: zeven gerespecteerde burgers waarvan één een zeeman was en de anderen een goedbetaalde baan hadden bij onder andere de Antilliaanse Luchtvaartmaatschappij (ALM), de juwelier Spritzer en Fuhrman, de Shell en een groot aannemersbedrijf. Rond 1960 beroofden de mannen meerdere keren en op ingenieuze wijze onder andere hun werkgevers en tenslotte ook diverse Rooms-katholieke kerken. Totdat één van hen gewetenswroeging kreeg en bij de pastoor van Barber te biecht ging. Hij moest van de pastoor urenlang om berouw bidden waardoor het voor de politie een makkie was om hem – nog diep in gebed verwikkeld- in te rekenen.
Dure glijbaan
Selsio Martha, opgegroeid in de nabijgelegen Seru Fortuna vertelt: ”Op de helling van Seru Fortuna hadden we nietsvermoedend van opengescheurde kartonnen dozen een glijbaan gemaakt en belanden tijdens de vaart naar beneden te midden van duizenden munten en bankbiljetten. Van onze ouders mochten we er niet aankomen, het zou immers geld kunnen zijn afkomstig van brua, zwarte magie. Later wemelde het daar van politieagenten en rechercheurs die ook grote zakken met geld ontdekten onder een oude autowrak waarin wij als kind ook altijd speelden. Ook bij Papatona, een gezelligheidsclub tegenover landhuis Kurá Piedra was geld verstopt. De juwelen van Spritzer werden op Seru Kurá Piedra teruggevonden, maar het grootste gedeelte van de buit lag toch in de grot Cueba di Skloof dat vanaf toen Kueba di Pirata werd genoemd. Voor de ogen van een geschokte gemeenschap werden de bendeleden één voor één opgepakt, behalve de zeeman die plots langer dan gepland op zee verbleef. Toen hij uiteindelijk voet aan wal zette, werd ook hij alsnog ingerekend.
Dam di Muizenberg
Sabana Huncu, lees Muizenberg Nobo en Sint Jacob, werden vanwege hun ligging bij de waterrijke hoofdrooi aan de Shell te koop aamgeboden voor fls 25.000. De oliegigant was niet geïntereseeerd, maar kwam in 1947 terug op haar besluit en moest toen het viervoudige neertellen voor de extra watervoorziening: 100.000 gulden voor 280 hectare van Muizenberg en Sint Jacob. Shell bouwde hier voor 75.000 gulden haar grootste dam op het eiland , goed voor 650.000 kuub, tezamen met een groot waterwingebied.
Rond 1970 werd begonnen met de schoonmaak van de grote mondi tussen Suffisant, Seru Fortuna en Sint Jacob. In fasen werd daarna begonnen met de bouw van 500 volkswoningen van de Fundashon Kas Popular (FKP) bij Sint Jacob. Als onderdeel van het woningbouwprogramma werd in 1990 de school voor Funderend Onderwijs, Laura Hart, gebouwd.
Volgens het buurtprofiel Muizenberg zijn de straten in Muizenberg Nobo vooral vernoemd naar hoofdsteden van Caribische eilanden en Latijns-Amerikaanse landen, zoals Kaya Montevideo, Kaya Port Au Prince, Kaya Rio de Janeiro, Kaya San Jose en Kaya Santiago de Chile.
In het deel van Muizenberg Nobo dat op de vroegere plantage Sint Jacob is gebouwd zijn de straten vernoemd naar de Venezolaanse staten Aragua, Barinas, Falcon, Merida, Miranda en Nueva Esparta.
Als onderdeel van het woningbouwprogramma werd in 1990 de school voor Funderend Onderwijs, Laura Hart, gebouwd.
Beschermd Natuurgebied
In de dam stond vroeger een grote pomp en liepen er buizen naar de olieraffinaderij. Ook stond er op de rand van de dam van Muizenberg een put, dat ook volliep tijdens regenseizoen, maar deze werd later gedempt.
De talud- damrug- is geschikt voor een wandeling en tijdens het regenseizoen namen jongens graag een duik in de dam en gebruikten vroeger zelfs een doodkist om over het water te varen. Door de weerspiegeling van de lucht verandert het water in een idyllisch meertje en een trekpleister voor vogels en andere dieren. In de dam worden dan ook zelfs garnalen gevangen. Het watergebied rondom de Dam di Muizenberg geldt als beschermd natuurgebied volgens de internationale RAMSAR Conventie voor waterrijke gebieden.
Muizenberg Bieu
De bario Muizenberg Bieu heeft een andere ontstaansgeschiedenis dan Muizenberg Nobo. Muizenberg Bieu is een zogenaamde oliedorp, dat rond 1945 in dezelfde periode als Suffisant door de olieraffinaderij werd aangelegd voor haar gastarbeiders. Dit verhaal komt bij Sufisant aan de orde.
Bronnen:
Langenfeld: De geschiedenis van de plantage Rooi Canarie
Brenneker: Sambumbu, diverse edities
Ministerie SOAW:Buurtprofiel Muizenberg
R.H. Nooyen, artikel La Union, 13.07.1978 Famia franses na Korsou
J. van Soest: Olie als water
Met dank aan: Selsio Martha, Edwin Martina, François van der Hoeven, Christel Monsanto, André Rancuret en Mongui Maduro Library.