van Engelen
Ten zuiden van Cas Cora ligt de voormalige plantage Van Engelen, vroeger ook wel Hooyberg, Vredenberg, Mount Vernon of Mount Vermount genoemd. Het werd rond 1700 aangelegd door Jan van Engelen die op de vrij hoge heuvel middenin het terrein een landhuis bouwde. Jan was de zoon van Willibrord van Engelen, een voormalig directeur van Curaçao die in 1686 een vrij grote plantage had gesticht te Bándabou, die hij Engelenberg noemde. In de volksmond bleef deze echter bekend als Cas Abou, maar aan de andere kant bleef de plantage van zijn zoon in de volksmond wel Van Engelen.
In de 19de eeuw besloot een nieuwe eigenaar Juriaan Crisson zijn plantage Mount Vernon te noemen. Dit om verwarring te voorkomen met de nabijgelegen plantage Kas Kòrá die rond 1851 ook Vredenberg werd genoemd. Maar de naam Van Engelen bleek onlosmakelijk verbonden met deze kleine plantage van 34 hectaren. Van Engelen leverde wat fruit, mais en groenten voor eigen gebruik en was rond 1940 jarenlang leverancier van laraha-schillen ten behoeve van de productie van Curaçao, de likeur.
Het werd in het verleden vaak geveild vanwege misoogsten. Het werd in 1818 al omschreven als een ‘schoone en wel gelegen buitenplaats of Plantage’ en het diende rond 1850 net als vele kleine plantages rond het Schottegat als weekend- en buitenverblijf voor ambtenaren en zakenlieden.
Rond 1900 werd nog wel geëxperimenteerd met tabak en de benboon (moringa) waaruit benolie werd gewonnen voor de parfumindustrie, maar beiden waren geen succes. Ook werd in die tijd behalve op Van Engelen alleen nog op Plantersrust en Brievengat aloë vera verbouwd.
van Engelen rond de eeuwwisseling
Henriquez was nogal actief en deed proeven met sisal en hennep. Hij bewees met een proefaanplant dat sisal (onder andere gebruikt in de productie van touwen) wel op ons eiland kon gedijen. Henriquez zette zelfs een touwslagerij op, maar de afzet voor touw bleek niet voldoende. Ook kreeg hij subsidie om op eigen terrein en op domeingrond te experimenteren, maar het onderhoud liet later te wensen over waarna de overheid de proefaanplant in eigen beheer overnam.
Van Engelen lag op een flink terrein maar werd pas in de 20ste eeuw verkaveld waardoor het leegstaande landhuis helemaal omringd is door luxueuze villa’s, appartementen en handelsondernemingen.
Bronnen:
- Renkema W.J.: het Curaçaose plantagebedrijf in de negentiende eeuw.
- Jvan Soest: Olie als water
- Huijgers, Dolf en Lucky Ezechiëls (1991), Landhuizen van Curaçao en Bonaire
Met dank aan: Jeroen Heuvel